Meteen naar de navigatie Meteen naar de belangrijkste inhoud
Alle verhalen

Souvenirs uit de garderobe van het huis Arenberg

Stany Dederen

Op vele manieren speelde de familie een toonaangevende rol in de samenleving. Als een familie van grootgrondbezitters en mijneigenaars, was het geslacht Arenberg een sterke economische actor. Op andere momenten in de geschiedenis was de macht van deze adellijke familie dan weer politiek van aard.

Door de eeuwen heen bleek het geslacht Arenberg gepassioneerde kunstliefhebbers en verwoed verzamelaars van een kunstcollectie die op haar hoogtepunt zowel qua omvang als kwaliteit tot de absolute top behoorde. Meesterwerken van Rubens, Jordaens, Veronese en Dürer worden in deze expo herenigd.

Garderobe van de hoog adellijke familie de Arenbergs in de expo van Museum M
MoMu Antwerp | Monica Ho

Een van de blikvangers van de tentoonstelling wordt ongetwijfeld de indrukwekkende garderobe die de familie Arenberg doorheen de eeuwen verzameld heeft. Museum M deed een beroep op de expertise van MoMu, waarbij het collectieteam de mannequinage verzorgde en hiervoor speciaal op maat gemaakte bustes creëerde.

We maken bustes op maat van de 17 kledingstukken die te zien zijn, volledig met de hand. Dat doen we met fosshape, een vrij nieuwe soort polyester die we rond een bestaand model vormgeven en nadien met stoom verwarmen. De nieuwe bustes vullen we daarna verder op om ze helemaal aan de vorm van het historisch kostuum aan te passen. Voor ons is dat een uniek experiment, aangezien de techniek in België nog niet vaak werd toegepast.

Kim Verkens, textielconservator MoMu

De kledingstukken moeten dus perfect passen op de poppen. Kim: “Dat oogt mooier, maar voor sommige delicate stukken is die ondersteuning ook echt noodzakelijk. Van die heel fragiele stukken maken we trouwens replica’s uit baalkatoen om te passen op de mannequins. Op die manier moeten we niet telkens de breekbare stukken manipuleren.”

De garderobe

Maskeradekostuum, jas of justaucorps met cape Brussel, voor 1783. Crèmekleurige tafzijde, rood zijden lint, kloskant in zilverdraad, linnen, jas
Stany Dederen

In de jaren 1950 schonk hertog Engelbert Karel aan de Leuvense universtiteit een collectie kostuums die nog gediend hadden als toneelgarderobe in het kasteel van Heverlee aan het eind van de 19de eeuw. Ze herinneren aan het theater als tijdverdrijf in adellijke kringen en illustreren uiteenlopende aspecten van de leefwereld van het huis Arenberg.

We laten hieronder Anne Verbugge, curator van de tentoonstelling en medewerker Kunstpatrimonium en Universiteitsarchief KU Leuven aan het woord over deze garderobe met een excerpt uit de publicatie ‘Arenberg. Portret van een familie, verhaal van een verzameling’, uitgegeven naar aanleiding van de tentoonstelling ‘Arenberg. Macht en schoonheid’ in M - Museum Leuven, uitgegeven bij Brepols.

  • Galajas met vestt Begin negentiende eeuw. Jas in gefigureerde blauwe zijde en zilverdraad, zilver- en gouddraad, lovertjes en cantille, metaalfolie en glas. Vest in ivoorkleurige keperzijde, borduurwerk van zijde met zilver- en goudcantille en lovertjes.
    1/2
    Stany Dederen
  • Corsage met rok, maskeradekostuum Brussel, voor 1783. Corsage in witte en blauwe zijde, linnen, rok in witte keperwol, wolfranjes en lovertjes, corsage
    2/2
    Stany Dederen

Een deel van de verzameling bestaat uit authentieke hertogelijke kostuums, vooral uit de tijd van Lodewijk Engelbert (1750-1820) en Prosper Lodewijk (1785-1861). De meest opvallende zijn herenpakken, het habit à la française, of onderdelen ervan, in complexe zijden stoffen en met geraffineerd borduurwerk, bestemd voor formele gelegenheden. Er zij er uit het ancien régime, maar ook uit de vroege 19de eeuw, toen Napoleon het oude driedelige geborduurde mannenpak in een ietwat gewijzigde vorm en met uitbundige versieringen tot hofkostuum promoveerde.

Driedelig pak voor een jongeman, een habit à la française Eind 18e eeuw. Jas en broek in cannelé simpleté van grijsbruine zijde, vest van ivoorkleurige zijde, borduurwerk in veelkleurige zijde en zijdechenille, jas
Stany Dederen

Zeldzaam is een laat 18de eeuws ensemble van een twaalftal nog onversneden tafzijden of zijdesatijnen weefsellappen met de geborduurde voorpanden, kraag en knopen van herenvesten, in ivoorkleur met uitzondering van een wat ouder blauw exemplaar van omstreeks 1760. Een prent in de Encyclopédie van Diderot en d’Alembert toont het atelier van een borduurwerker waarin te zien is hoe zijden lappen stof op een raam gespannen werden om ze te borduren. Zulke lappen gingen van de borduurwerker naar de kleermaker, die er vesten (gilets) uit vervaardigde – de rug en voering werden in goedkoper materiaal uitgevoerd. Enkele meer doordeweekse pakken in bruin, aubergine en rood zijdefluweel (ca. 1810–20) komen uit de garderobe van de blinde hertog, zoals uit enkele portretten mag blijken. De damesmode is vertegenwoordigd door enkele bijzondere stukken in late empirestijl en uit de tijd van het Koninkrijk der Nederlanden, met als blikvanger een tweedelige, zijdetulen japon met borduursel van gouddraad en verguld koperlamel, een letterlijk schitterende hofjurk of trouwjurk van omstreeks 1817–23. Mogelijk droeg de partner van de drager ervan een al even schitterende blauwe jas met vest, met borduursel van goud en zilver, eveneens in de collectie. Een zeldzame zwartzijden rouwjapon uit dezelfde periode met de nog typische hoge taillelijn van de empirestijl en extra lange mouwen die met zijdelinten werden toegestrikt, toont eveneens de overgang van de losse comfortabel zittende empirejapon naar de romantische mode van de jaren 1830 met ballonvormige pofmouwen. Een avondjapon met diepe halsuitsnijding en korte mouwtjes in doorschijnende tule met zijdeborduurwerk en applicaties in zijdesatijn (ca.1815–20) werd gedragen met een smallere onderjurk, lange handschoenen en fijne hakloze leren of satijnen schoenen.

Jurk ca. 1815–20. Zijdetule, applicaties van zijdecrêpe en tule, borduurwerk van ongetwijnde zijde, opgelegd zijdekoord
Stany Dederen

Uit de latere negentiende eeuw dateren een paar gestroomlijnde belle-époquejaponnen uit de tijd van hertogin Engelbert Maria, geboren Hedwige van Ligne (1877–1937). Ten slotte leidden ook een aantal niet-Europese kostuums een tweede leven als theaterkledij, waaronder Noord-Afrikaanse kledingstukken in rood-gouden zijden stoffen met borduurwerk in goud- en zilverdraad die herin- neren aan de Algerijnse haremvrouwen op de schilderijen van Eugène Delacroix (1798–1863) of Lawrence Alma Tadema (1836–1912). Misschien bracht Hedwige van Ligne ze mee uit Constantinopel, waar ze zich in 1900 liet portretteren in een vergelijkbare oosterse outfit. Bepaald exotisch zijn ook een cape en parka afkomstig van de Aleoeten, de noordelijke eilandengroep bij Alaska. Samen met de rest van deze wonderlijke textielcollectie vormen ze een uniek geheel dat uiteenlopende aspecten van de elitaire leefwereld van het prinselijke huis Arenberg evoceert. Het is nauwelijks bekend dat de Leuvense universiteit deze en andere Arenbergkostuums en -textilia bewaart, samen ongeveer 250 stuks uit de achttiende en de negentiende eeuw. De collectie diende als toneelgarderobe in het privétheater van het kasteel van Heverlee aan het eind van de negentiende eeuw en de hele verkleedkist werd omstreeks 1953 door de familie aan de universiteit geschonken.

Deze tekst bevat een passage uit "Hof en theater - Souvenirs uit de garderobe van het huis Arenberg” uit de publicatie “Arenberg, portret van een familie, verhaal van een verzameling”, uitgegeven door Brepols Publishers

MoMu sluit de deuren. Toch staat er vanalles te gebeuren. Lees meer.